Ter introductie eerst een beetje technische informatie over de telescoop. Onder de foto’s staat een uitgebreider overzicht van de technische specificaties.De foto’s op deze pagina zijn gemaakt met de Dwarf Mini Telescoop. In deze telescoop zitten twee lenzen: een 1016 mm full-frame equivalent voor grotere deep-sky objecten, en een 45 mm equivalent groothoeklens om de Melkweg of sterrensporen vast te leggen. Daardoor kun je zowel inzoomen op nevels als brede landschappen fotograferen. De hoofdrol is weggelegd voor de Sony STARVIS 2 IMX662-sensor, die door DwarfLab wordt gecombineerd met een geïntegreerd Astro-filter en een Duo-Band Ha/OIII-filter voor nevels. 
De Dwarf Mini beschikt over twee optische systemen. Voor deep-sky gebruik je de 30 mm f/5 telelens, die dankzij de 150 mm brandpuntsafstand en de IMX662-sensor overeenkomt met een 1016 mm full-frame equivalent. Je kunt schakelen tussen een breedband Astrofilter (430–690 nm) of een Duo-Band Ha/OIII filter voor nevels. 

De Orionnevel

Orionnevel 2

Tussen de fonkelende sterren van het sterrenbeeld Orion hangt een mysterieuze, zachte gloed: de Orionnevel. Voor het menselijk oog op aarde lijkt het een klein, stilstaand wolkje, maar binnenin raast een kosmische storm van schepping.

In het hart van deze nevel, diep verscholen achter sluiers van roze gas en kosmisch stof, werd een nieuwe ster wakker. Miljoenen jaren lang was ze niets meer dan een koude wolk van waterstof geweest, zwevend in de leegte. Maar de zwaartekracht trok onverbiddelijk aan haar, vouwde het gas naar binnen en perste het samen tot een gloeiende kern.

 

Toen het kritieke punt werd bereikt, ontstak de ster met een felle flits. Ze was niet alleen. Om haar heen bewogen vier machtige reuzen, het Trapezium, die met hun intense ultraviolette licht de nevel lieten oplichten als een kathedraal van glas.
Terwijl de jonge ster haar eerste lichtstralen door de nevel stuurde, zag ze een dans van puin om zich heen. Kleine korrels stof botsten tegen elkaar, klonterden samen en vormden de eerste contouren van toekomstige werelden. Over miljarden jaren zouden deze koude rotsen misschien oceanen dragen en bewoners kennen die omhoogkijken naar hun eigen nachtelijke hemel.

De Pleiaden

In de blauwe schemering van de kosmos, hoog boven de vermoeide aarde, dansen zeven zussen in een sleep van zilveren zijde. Ze zijn de dochters van de nacht, geboren uit de schouders van Atlas, die de hemel draagt zodat zij vrij kunnen zijn. Men noemt hen de Pleiaden.

Voor een voorbijganger lijken ze een klein, fonkelend handjevol diamanten dat per ongeluk op het zwarte fluweel van de Stier is gemorst. Maar wie beter kijkt, ziet hun geheime spel. Ze hullen zich in sluiers van kosmosstof, een blauwe nevel die als een zachte adem om hun schouders hangt. Maia, de oudste, waakt met een kalm licht over haar jongere zussen. Merope, de verlegenste, trekt haar sluier soms wat dichter op; zij die ooit een sterfelijke liefde kende en sindsdien iets zachter gloeit dan de rest.

Samen vormen ze een kompas voor de dwalende ziel. Als de winter de wereld in haar greep houdt, staan zij op het hoogste punt van de hemel, als een belofte dat het licht nooit echt verdwijnt. Ze zijn geen verre, koude vuren, maar een warme familie van licht, eeuwig met elkaar verweven in een omhelzing van miljoenen jaren. En als de ochtend komt, lossen ze niet op, maar trekken ze zich enkel terug in de schaduw van de zon, wachtend tot de wereld weer stil genoeg is om hun zachte schittering te ontvangen.

 

M101 het Windmolenstelsel

M101

Windmolenstelsel, Messier 101

In de fluwelen diepte van de Grote Beer spint een kosmisch reuzenrad zijn eindeloze rondjes. Messier 101, de Windmolen, is geen haastige reiziger; ze is een bevroren pirouette van licht. Haar armen, wijd open en bezaaid met robijnrode kraamkamers van sterren, strekken zich uit alsof ze de leegte willen omhelzen. Waar wij mensen naar de klok kijken, telt zij de tijd in eeuwen per omwenteling. Ze is een zwerm van miljarden zonnen, die samen een zachte, blauwe gloed weven tegen het zwarte laken van de nacht. Luchtig als een briesje danst ze daar, 21 miljoen lichtjaar van ons vandaan. Een majestueus wiel dat nooit stilstaat, maar altijd rust uitstraalt

Foto’s op deze pagina: Paul de Rechter
Tekst bij de foto’s: CoPilot

Specificaties van de Dwarf Mini

Processor & besturing
CPU: Dynamisch verstelbare kloksnelheid (408 MHz – 1.608 GHz)
Chipset: RV1106G3 platform
CPU Cores: Single-core ARM Cortex-A7 (32-bit)
NPU rekencapaciteit: 1.0 TOPS

Besturingssysteem
Compatibel met: iOS & Android

Gegevens & connectiviteit
Verbindingen: WiFi, Bluetooth en USB-C
WiFi-banden: 2.4 GHz en 5 GHz
WiFi-protocollen: 802.11 b/g/n/a/ac
WiFi-bereik: tot ca. 15 meter (open omgeving)
WiFi-snelheid: tot 433 Mbps
Bluetooth: 5.0 (BR/EDR/LE)
USB: USB 2.0 via USB-C
Data-overdracht: WiFi & USB-C

Opslag
Interne opslag: 64 GB

Telelens (deep-sky optiek)
Aperture: 30 mm
Brandpuntsafstand: 150 mm
Full-frame equivalent: 1016 mm
Beeldhoek (∞): D 2.45°, H 2.14°, V 1.20°
Sensor: Sony STARVIS 2 IMX662 (1/2.8″)
Sluitertijden: 1/10.000 s – 90 s
Ingebouwde filters: Astro, Dark, Duo-Band (Ha/OIII)
Maximale resolutie: 1920 × 1080
Effectieve pixels: 2.07 MP
Scherpstelbereik: 5 m – oneindig
Modi: Foto, Video, Astro, Burst, Time-lapse

Groothoeklens (landschapsastrofotografie)
Aperture: 3.4 mm
Brandpuntsafstand: 6.7 mm
Full-frame equivalent: 45 mm
Beeldhoek (∞): D 50.59°, H 45.06°, V 25.93°
Sensor: OV02K10 (1/2.8″)
Sluitertijden: 1/10.000 s – 30 s
Ingebouwd filter: Astro
Maximale resolutie: 1920 × 1080
Effectieve pixels: 2.07 MP
Modi: Foto, Video, Astro, Burst, Time-lapse

Bestandsformaten
Foto: JPG
Video: MP4
Astrofotografie: FITS / TIFF
Burst: JPG
Time-lapse: MP4

Batterij & opladen
Capaciteit: 7000 mAh
Gebruikstijd: ca. 4 uur (astrofotografie)
Oplaadtijd: ± 100 minuten
Oplaadvermogen: 22 W
Oplaadpoort: USB-C
Bedrijfstemperatuur: –20°C tot 45°C
Laadtemperatuur: 0°C tot 45°C

Afmetingen & gewicht
Afmetingen: 100.38 × 183.61 × 60.70 mm
Gewicht: 840 g

Rotatiebereik
Lenstubus: 225°
Montering: 360°

Scroll naar boven